Nieuwe Oertuin bij Naturalis wordt levende museumzaal |
|
|
|
|
 |
| 174 sec |
Toekomstige evolutietuin laat bezoekers door miljoenen jaren plantontwikkeling lopen
Bij Naturalis Biodiversity Center in Leiden wordt gewerkt aan een nieuwe tuin van ongeveer 6.000 vierkante meter: de Oertuin. In deze buitenruimte wordt de evolutie van het plantenrijk zichtbaar gemaakt. Bezoekers lopen straks langs verschillende tijdvakken uit de plantgeschiedenis. De tuin wordt daarmee feitelijk een extra museumzaal - maar dan levend en in de open lucht.
| Impressie van de Oertuin van Naturalis |
Projectadviseur Mark Rotteveel van Koninklijke Ginkel Groep is al ruim tien jaar bij het project betrokken. Zijn rol ligt vooral in de voorfase van de aanleg. 'Wij stappen vaak al in aan het begin van het ontwerptraject. Dan werken we in een bouwteam samen met ontwerpers en opdrachtgevers om het plan technisch, financieel en praktisch uitvoerbaar te maken. Dit project hebben we samen met H+N+S Landschapsarchitecten ontworpen en uitgewerkt.'
Van daktuin naar vollegrondstuin
De geschiedenis van de Oertuin gaat terug tot 2013. In eerste instantie was het plan om de tuin boven op een parkeergarage te realiseren, direct achter het museum. 'Destijds moest er in die tuin ook ruimte komen voor ruim tweehonderd parkeerplaatsen. Onze oplossing was om functies te stapelen: parkeren op het maaiveld en daarboven een daktuin.' Dat idee bood voordelen. 'Op een daktuin kun je heel precies sturen op substraat, water en groeicondities per plantvak.' De plannen veranderden toen Naturalis besloot een aparte parkeergarage aan de overkant van de Mendelweg te bouwen. Daarmee kwam de ruimte achter het museum vrij voor een tuin in de volle grond. 'Toen hebben we het concept van de evolutietuin eigenlijk laten "zakken" naar maaiveldniveau. Het idee en de vormgeving konden grotendeels overeind blijven.' Wel moest de routing door het gebied worden aangepast, omdat bezoekers nu vanuit de parkeergarage door de tuin naar het museum lopen.
|
|
'Je wilt het verhaal van de evolutie vertellen, maar de planten moeten hier in het huidige klimaat ook goed kunnen groeien'
| |
|
Evolutie van planten zichtbaar maken
Het centrale thema van de tuin is evolutie. Bezoekers lopen straks door verschillende zones die de ontwikkeling van het plantenleven laten zien. De tuin begint bij de oudste groepen, zoals algen, wieren en mossen, en loopt via sporenplanten en naaktzadigen naar de bedektzadigen: de bloeiende planten. 'Eigenlijk wordt het een museumzaal in de openlucht. Binnen in Naturalis zie je vooral preparaten en fossielen. Hier leeft het allemaal.' Het samenstellen van de beplanting is een complexe puzzel. 'Je wilt het verhaal van de evolutie vertellen, maar tegelijkertijd moeten de planten hier in het huidige klimaat ook gewoon goed kunnen groeien. Het beplantingsplan hebben we samen met Jacqueline van der Kloet opgesteld.'
 | | Mark Rotteveel |
|
|
Bodemonderzoek en plantvakken
Omdat de tuin uiteindelijk niet op een dak, maar in de Leidse klei wordt aangelegd, is er veel aandacht besteed aan de bodem. 'We hebben uitgebreid bodemonderzoek gedaan. Per plantvak is gekeken welke soorten daar komen en welke bodemopbouw daarbij past.' Daarbij wordt niet overal nieuwe teelaarde aangebracht. 'We werken juist zoveel mogelijk met de bestaande ondergrond. Alleen waar het nodig is, passen we de bodem aan.' Ook de waterhuishouding is tot in detail uitgewerkt. 'We willen de vochtbalans in de tuin heel precies kunnen sturen.'
Regenwater als belangrijkste bron
Het irrigatiesysteem speelt daarbij een belangrijke rol. Regenwater van het museumgebouw en de parkeergarage wordt opgevangen in grote buffertanks. 'Dat water zuiveren we en gebruiken we vervolgens voor de beregening van de tuin.' De tanks zijn bovendien gekoppeld aan een systeem dat rekening houdt met weersvoorspellingen. 'Als er morgen een grote bui wordt verwacht en de tank zit bijna vol, dan maakt het systeem nu alvast ruimte. Zo voorkom je piekbelasting en kun je het water optimaal benutten.' Ook in de plantvakken zelf wordt de vochttoestand gemonitord. 'Met sensoren kunnen we precies bepalen waar en wanneer water nodig is.'
|
|
Binnen zie je het verhaal van de natuur. Buiten groeit het
| |
|
Tuin als educatieve plek
De Oertuin krijgt nadrukkelijk ook een educatieve functie. Dat past bij de rol van Naturalis als museum en kenniscentrum. In de tuin komen onder meer een amfitheater voor lezingen en presentaties en verschillende speelelementen voor kinderen. Een opvallend element wordt een groot dinoskelet, waarop kinderen mogen klimmen. 'Alles moet daarbij wel kloppen. Zo'n skelet moet dus anatomisch correct zijn, maar tegelijkertijd veilig om op te spelen.' De tuin kan ook inspirerend zijn voor bijvoorbeeld hoveniers en ontwerpers. 'Hier komt veel kennis samen: van plantensoorten en bodem tot waterbeheer en klimaatbestendig ontwerp.'
 | | Een impressie van de klimdino in de Oertuin van Naturalis |
|
|
Groen begint al bij parkeren
De groenbeleving begint straks al voordat bezoekers de tuin zelf betreden. Rond de parkeergarage zijn bomen en klimplanten aangebracht en de gevel krijgt een groene uitstraling. 'Je komt dus niet eerst in een stenige parkeeromgeving. Het groen begint eigenlijk al zodra je de auto parkeert.' Een bijzonder moment in de aanleg is het planten van een grote boom midden in de tuin: een Quercus phellos met een stamomtrek van ruim anderhalve meter. 'Dat is echt een joekel. Daar heb je een enorme kraan voor nodig.' Als alles volgens planning verloopt, opent Naturalis de Oertuin in het voorjaar van 2027. Dan wordt de tuin officieel onderdeel van het museum - maar wel een zaal zonder dak. 'Binnen zie je het verhaal van de natuur. Buiten groeit het.' Deze museumzaal is wel vrij toegankelijk voor iedereen.
|
|
De tuin kan ook inspirerend zijn voor hoveniers en ontwerpers: 'Hier komt veel kennis samen: van plantensoorten en bodem tot waterbeheer en klimaatbestendig ontwerp'
| |
|
| H+N+S Landschapsarchitect... | |
| |
| LOGIN
met je e-mailadres om te reageren.
|
|
|
| Er zijn nog geen reacties. |
|