Teken in het groen: groeiend aandachtspunt voor beheer |
|
|
|
|
 |
| 203 sec |
Risico op tekenbeten vraagt om meer bewustwording in openbaar groen
De teek is klein, maar de impact kan groot zijn. In parken, natuurgebieden en bermen leeft het spinachtige dier vaak onopgemerkt tussen gras en struiken. Juist daar vindt ook veel beheer plaats door gemeenten en terreinbeheerders. Voor mensen die in het groen werken - maar ook voor recreanten - neemt het risico op een tekenbeet toe. Toch is het onderwerp nog niet overal vanzelfsprekend onderdeel van groenbeheer of veiligheidsbeleid. Initiatieven zoals TekenkaartNederland.nl proberen daarom meer aandacht te vragen voor teken en de ziekte van Lyme. Volgens initiatiefnemer Wietze Landman wordt het probleem nog geregeld onderschat. 'Lyme is een serieuze zaak.'
 |
Teken komen voor in uiteenlopende groentypen: van natuurgebieden en bermen tot parken en plantsoenen. Ze bevinden zich meestal laag in de vegetatie en wachten daar op een passerende gastheer. 'Veel mensen denken dat teken uit bomen vallen, maar dat klopt niet,' zegt Landman. 'Ze zitten meestal op gras of lage planten. Zodra je langsloopt, pakken ze je.' Voor mensen die in het groen werken is dat relevant, omdat juist in deze vegetatiestructuren veel onderhoudswerk plaatsvindt.
Groenbeheer en risicozones
Het risico op tekenbeten hangt sterk samen met het type vegetatie. Werkzaamheden in hoog gras, dichte beplanting of bosranden brengen medewerkers dicht bij plekken waar teken voorkomen. Ook werkzaamheden dicht bij de bodem, zoals planten, wieden of inspecties, vergroten de kans op contact.
Teken bevinden zich meestal op een hoogte van ongeveer 20 tot 60 centimeter in de vegetatie. Vanaf die positie kunnen ze zich vastklampen aan passerende dieren of mensen. Dieren spelen bovendien een belangrijke rol in de verspreiding van teken. Muizen, vogels, reeën en andere zoogdieren nemen teken mee en brengen ze zo in nieuwe gebieden, zoals parken, bermen en natuurterreinen.
Ecologie van de teek
De aanwezigheid van teken hangt nauw samen met de ecologie van het gebied. Kleine zoogdieren, zoals muizen, spelen een belangrijke rol in de levenscyclus van de teek. Zij fungeren als gastheer voor jonge teken. Grotere dieren, zoals reeën, helpen vervolgens bij de verspreiding van volwassen teken.
In zogenoemde mastjaren - jaren waarin bomen veel zaden produceren - kan het aantal muizen sterk toenemen. Dat kan leiden tot meer teken in een gebied. Enkele jaren later kan dat zich vertalen in een grotere kans op tekenbeten.
Ziekte van Lyme
De aandacht voor teken is vooral ingegeven door de ziekte van Lyme. Volgens cijfers worden in Nederland jaarlijks ongeveer 125.000 tekenbeten gemeld. Dat zijn alleen geregistreerde gevallen; het werkelijke aantal ligt waarschijnlijk hoger.
Ongeveer twintig procent van de tekenbeten leidt tot ziekteklachten, wat neerkomt op circa 25.000 ziektegevallen per jaar. Sommige teken dragen een bacterie die Lyme veroorzaakt. De ziekte kan verschillende klachten geven. De bekendste is een rode ring rond de beet, maar die verschijnt niet altijd. Ook vermoeidheid, spier- en gewrichtspijn en neurologische klachten komen voor.
|
|
'Juist mensen die in het groen werken komen vaak in aanraking met teken.'
| |
|
Teken langer actief
De afgelopen jaren lijkt het tekenseizoen zich bovendien uit te breiden. Zachtere winters zorgen ervoor dat teken langer actief blijven. 'Teken kunnen slecht tegen vorst,' zegt Landman. 'Maar echte winters hebben we nauwelijks nog.'
Daardoor worden teken tegenwoordig een groot deel van het jaar aangetroffen. Voor groenbeheerders betekent dat dat het onderwerp niet alleen in de zomer relevant is, maar vrijwel het hele jaar aandacht vraagt.
Beheer, veiligheid en preventie
Voor gemeenten en terreinbeheerders betekent de aanwezigheid van teken dat ook het beheer van groen een rol kan spelen in het beperken van risico's. Vegetatiestructuur, maaibeheer en recreatieve druk bepalen mede waar teken zich ophouden. Ruige grasvegetaties, struweelranden en overgangszones tussen bos en open terrein vormen vaak geschikte leefgebieden. Dat zijn tegelijkertijd plekken waar recreanten, hondenbezitters en groenwerkers regelmatig komen.
Voor werkgevers en opdrachtgevers speelt daarbij ook de zorg voor een veilige werkomgeving. Instructies over tekencontrole, beschermende kleding en het veilig verwijderen van teken maken steeds vaker onderdeel uit van werkprotocollen in het groenbeheer.
Verwijder een teek zo snel mogelijk
Wanneer iemand een teek ontdekt, is het belangrijk om die zo snel mogelijk te verwijderen. Hoe korter een teek vastzit, hoe kleiner de kans dat ziekteverwekkers worden overgedragen. 'Wat je niet moet doen, is een teek fijnknijpen,' zegt Landman. 'Als je hem kapotdrukt, kan hij besmet bloed terugspugen in de huid.' In de praktijk proberen mensen een teek soms met hun vingers of met een scherp pincet te verwijderen. Daarbij bestaat de kans dat de teek wordt samengedrukt.
|
|
'Een teek moet je verwijderen zonder hem fijn te knijpen.'
| |
|
 | | De Tekenkaart. De inkeping zorgt ervoor dat je de teek veilig uit de huid kunt halen. Een klein inkeping is ontworpen om onvolgroeide teken te verwijderen. |
|
|
Hulpmiddelen bij verwijderen
Om een teek veilig te verwijderen bestaan verschillende hulpmiddelen. Een daarvan is een zogenoemde tekenkaart: een klein kaartje met een smalle inkeping waarmee de teek onder het lichaam kan worden losgemaakt. Volgens Landman werkt het principe eenvoudig. 'Je schuift het kaartje onder de teek en wipt hem eruit zonder dat je hem samenknijpt.'
Het kaartje heeft ongeveer het formaat van een visitekaartje en past daardoor makkelijk in een portemonnee of EHBO-set. Sommige organisaties gebruiken het ook bij voorlichting over tekenbeten. Het kaartje kan bijvoorbeeld worden bedrukt met een logo of contactgegevens en wordt dan uitgedeeld bij campagnes of evenementen.
Bescherming in de praktijk
Naast voorlichting kan ook persoonlijke bescherming een rol spelen. Lange broeken, lange mouwen en eventueel sokken over de broekspijpen maken het voor teken moeilijker om direct de huid te bereiken. Vooral bij werkzaamheden in ruige vegetatie kan dat verschil maken. Teken moeten dan eerst over de kleding kruipen voordat ze de huid bereiken. Daardoor is de kans groter dat ze op tijd worden opgemerkt. Sommige werkkleding is bovendien geïmpregneerd met middelen die teken afstoten.
Bewustwording
In sommige sectoren is controle op teken al langer gebruikelijk. Zo controleren jagers zich vaak standaard na een dag buiten. In delen van het groenbeheer is dat nog minder vanzelfsprekend, terwijl medewerkers dagelijks in vegetaties werken waar teken voorkomen. Volgens Landman ligt hier vooral een taak in bewustwording en voorlichting. 'Als mensen weten waar teken zitten en hoe ze ermee moeten omgaan, voorkom je veel problemen.'
Teken en Lyme in cijfers
• In Nederland worden jaarlijks ongeveer 125.000 tekenbeten gemeld • Ongeveer 20% van de beten leidt tot ziekteklachten • Dat betekent ongeveer 25.000 ziektegevallen per jaar • Ongeveer een kwart van de teken kan besmet zijn met de bacterie die Lyme veroorzaakt • Jaarlijks houden ongeveer 2.500 mensen langdurige klachten over aan Lyme
|
 | | Een teek is niet erg groot (afbeelding gemaakt met AI) |
|
|
| LOGIN
met je e-mailadres om te reageren.
|
|
|
| Er zijn nog geen reacties. |
|